Nieuwsitem uit Focus op Familierecht
| Datum publicatie | 13-08-2026 |
| Zaaknummer | C/13/790688 |
| Procedure | Eerste aanleg - enkelvoudig |
| Zittingsplaats | Amsterdam |
| Rechtsgebieden | Civiel recht |
| Trefwoorden | Overig; Social media in het familierecht |
| Wetsverwijzingen |
Inhoudsindicatie Rechtspraak.nl
kort geding; reviews over (dienstverlening van) advocaat zijn niet onrechtmatig en hoeven dus niet te worden verwijderd.Volledige uitspraak
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/790688 / KG ZA 26-618 MdV/BB
Vonnis in kort geding van 11 augustus 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [woonplaats 1],
eisende partij bij dagvaarding van 20 juli 2026,
hierna te noemen: [eiser],
advocaat: mr. F.M. Oudolf,
tegen
[gedaagde] ,
te [woonplaats 2],
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde],
verschenen in persoon.
1De procedure
Op de mondelinge behandeling van 28 juli 2026 heeft [eiser] de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. [gedaagde] heeft verweer gevoerd.
Beide partijen hebben producties en pleitaantekeningen ingediend.
Ter zitting waren aanwezig: [eiser] met mr. Oudolf en [gedaagde].
Vonnis is bepaald op vandaag.
2De feiten
[eiser] is advocaat-mediator. Zij heeft de echtscheiding tussen [gedaagde] en haar ex-echtgenoot [naam] middels mediation geregeld. In december 2025 heeft zij het verzoekschrift tot echtscheiding, samen met het ouderschapsplan en het echtscheidingsconvenant bij deze rechtbank ingediend. De echtscheidingsbeschikking is op 1 april 2026 ingeschreven in het daarvoor bestemde register.
Op 15 juni 2026 hebben [gedaagde] en [naam] [eiser] benaderd met het verzoek om hen bij te staan in een juridische kwestie aangaande een wijziging van het gezag/voogdij over hun minderjarige kind (naar de ouders van [gedaagde] in China).
Op 19 juni 2026 heeft [eiser] telefonisch aan [naam] laten weten dat zij niet een nieuwe opdracht van [gedaagde] en [naam] wilde aannemen.
Op 21 juni 2026 heeft [gedaagde] een e-mail aan [eiser] geschreven waarin zij heeft medegedeeld dat zij en [naam] niet verder van haar diensten gebruik zullen maken en dat zij zich tot een andere familierechtadvocaat zullen wenden voor de gezagskwestie.
Op of rond 21 juni 2026 heeft [gedaagde] een review op Google geplaatst over (de dienstverlening van) [eiser], die in het Nederlands vertaald als volgt luidt:
‘Ik heb zojuist een formele klacht ingediend bij de Nederlandse Orde van Advocaten. [eiser] heeft twee jaar lang als mediator opgetreden in onze scheiding. Ze heeft goede bedoelingen, maar mist de professionaliteit en competentie als mediator en advocaat. Tijdens onze mediation heeft ze herhaaldelijk haar neutraliteitsplicht geschonden, wat emotioneel belastend was voor beide partijen en tot zeer hoge, onnodige kosten heeft geleid.
Uiteindelijk werd de zaak afgesloten en wilden we het daarbij laten. Onlangs probeerden we
echter contact met haar op te nemen voor een spoedige herziening van onze overeenkomst,
waarbij ze zich op dezelfde manier gedroeg. Dit is onacceptabel. Ik ben van mening dat er een formeel onderzoek door de autoriteiten moet worden ingesteld.’
[gedaagde] heeft daarbij twee van de vijf sterren toegekend aan (de dienstverlening van) [eiser].
[eiser] heeft meermaals geprobeerd contact met [gedaagde] te krijgen over de review maar dat is niet gelukt.
[gedaagde] heeft [eiser] wel een sms-bericht gestuurd waarin zij (nogmaals) laat weten de samenwerking met [eiser] niet voort te zetten. Daarop heeft [eiser] gereageerd met onder meer de volgende teksten:
‘That is fine. No problem.’ ‘Just remove the slander review from Google. Right now.’
Bij brief van 22 juni 2026 heeft [eiser] [gedaagde] gesommeerd, kort gezegd, om de review uiterlijk de volgende dag te verwijderen. Zij heeft daarbij onder meer het volgende geschreven:
‘This review qualifies as slander.
(…)
You have been treated well and in a professional manner.
Besides that you have received a considerate reduction
Therefore, what you write and the impression you are trying to create is contrary to the truth.
With the intention of harming me and my office.
You should be thankful that things have been settled and that you also received a reduction.
Instead, you have taken to the internet to damage my good name and my office with
lies. This is called slander and it is not allowed.’
Nadat tussen [eiser] en [naam] ook sms-contact had plaatsgevonden over de review van [gedaagde], heeft [naam] ook een review op Google geplaatst over (de dienstverlening van) [eiser]. Deze luidt, in het Nederlands vertaald:
‘Advocaat [eiser] laat in de zaken die ze behandelt veel teveel van haar persoonlijke mening doorschemeren en velt te vaak waardeoordelen, wat me vaak een ongemakkelijk gevoel geeft...’
[naam] heeft daarbij eveneens twee van de vijf sterren toegekend aan (de dienstverlening van) [eiser].
3Het geschil
[eiser] vordert - samengevat - om [gedaagde] op straffe van een dwangsom te bevelen binnen 2 dagen de door haar op Google geplaatste review over [eiser] en haar kantoor te verwijderen en ervoor zorg te dragen dat [naam] dat ook doet met de door hem geplaatste review, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.
[eiser] legt aan de vordering ten grondslag, kort gezegd, dat de review van [gedaagde] onrechtmatig is. Volgens [eiser] steunen de door [gedaagde] gemaakte verwijten niet op de feiten en schaadt [gedaagde] met de review bewust de goede naam en reputatie van [eiser]. [eiser] lijdt hierdoor vermogensschade. De review is geen eerlijke review of cliënt opinion maar een bewust schade toebrengende uiting, vermoedelijk en alleen uit verongelijktheid en/of rancune. De review van [naam], die volgens [eiser] eveneens onrechtmatig is, is duidelijk op aandringen van [gedaagde] geschreven en [gedaagde] kan en moet [naam] dan ook bewegen om zijn review te verwijderen.
[gedaagde] voert verweer. Kort gezegd komt haar verweer erop neer dat haar review een eerlijke review is, waarmee zij haar ervaringen deelt voor toekomstige cliënten van [eiser]. Dat [eiser] zich niet in de review kan vinden, betekent niet dat die niet geschreven mag worden. Het gaat slechts om meningen, die niet goed of fout zijn. De tekst van de review is bovendien niet uitsluitend negatief (‘Ze heeft goede bedoelingen’) en [gedaagde] heeft [eiser] ook niet 1 maar 2 sterren gegeven. Van onrechtmatigheid is volgens [gedaagde] in ieder geval geen sprake. [gedaagde] neemt het [eiser] verder kwalijk hoe agressief en intimiderend zij is geweest in het verwijderd krijgen van de review. Ten slotte heeft [gedaagde] betwist dat zij achter de review van [naam] zit.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4De beoordeling
De vorderingen van [eiser] zijn alleen toewijsbaar als voldoende aannemelijk is dat de rechter in een eventuele bodemprocedure deze ook zou toewijzen en [eiser] bij de gevraagde voorzieningen een spoedeisend belang heeft.
In deze zaak moet een belangenafweging worden gemaakt tussen het belang van [eiser] haar goede naam en reputatie te beschermen en het belang van [gedaagde] om zich vrijelijk in het openbaar te kunnen uitlaten. Daarbij geldt verder dat het op zichzelf is toegestaan om ervaringen met een bepaalde aanbieder van producten of diensten op internet te delen, ook als dit negatieve ervaringen zijn. Dergelijk reviews moeten zijn gebaseerd op daadwerkelijke ervaringen van de recensent met de aanbieder en niet feitelijk onjuist en/of onnodig grievend zijn.
Ten aanzien van de door [gedaagde] geplaatste review wordt het volgende overwogen. Vooropgesteld wordt dat deze review is gebaseerd op eigen ervaringen. [eiser] heeft immers de echtscheiding tussen [gedaagde] en [naam] afgewikkeld. Dat [gedaagde] niet direct na de afwikkeling in december 2025 de review heeft geplaatst maar pas nadat [eiser] geweigerd heeft een nieuwe opdracht van haar (en [naam]) aan te nemen, maakt niet dat de review door [gedaagde] is geschreven met een ander doel dan om haar (eerdere) ervaringen te delen. Hierover heeft [gedaagde] ter zitting verklaard dat zij blij was dat de echtscheiding was afgewikkeld en het toen niet goed voelde om een review te plaatsen. Dat betekent niet dat zij dit enkele maanden later niet alsnog kan doen. Het is weliswaar waarschijnlijk dat de omstandigheid dat [eiser] heeft geweigerd een nieuwe opdracht van [gedaagde] (en [naam]) te aanvaarden de reden is geweest om de review alsnog te plaatsen, maar dat maakt niet dat de review louter uit rancune is geschreven, zoals [eiser] heeft gesteld.
Volgens [eiser] zijn de uitingen in de review, dat zij als mediator en advocaat professionaliteit en competentie mist, dat zij tijdens de mediation herhaaldelijk haar neutraliteitsplicht heeft geschonden en dat dit tot zeer hoge en onnodige kosten heeft geleid, apert onjuist. Dat kan echter niet worden vastgesteld. [gedaagde] heeft in dit verband terecht aangevoerd dat het uitsluitend om een mening gaat waarover ook anders gedacht kan worden. Dat blijkt ook uit de 23 reviews die op Google over (de dienstverlening van) [eiser] zijn geplaatst en waartussen positieve en negatieve reviews staan. Het gaat om een subjectieve mening die niet als juist of onjuist kan worden bestempeld. Dat geldt overigens ook voor de overige (negatieve) uitingen in de review.
Ter zitting heeft [eiser] verklaard ook de zinsnede ‘Ze heeft goede bedoelingen’ als negatief te zien omdat dat volgens haar sarcastisch is bedoeld. Dat is door [gedaagde] betwist en naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook vergezocht.
De formulering van de review is naar het oordeel van de voorzieningenrechter ook niet onnodig grievend. De gekozen bewoordingen zijn niet zodanig beledigend of kwetsend dat de review daarmee onrechtmatig wordt. Het kan zo zijn dat [eiser] de review wel als beledigend en kwetsend ervaart, omdat zij zich er niet in kan vinden, maar dat maakt het voorgaande niet anders. Het is inherent aan een review dat die negatief kan zijn, met mogelijke reputatie- en/of vermogensschade tot gevolg, maar in dit geval voldoet de review aan het betamelijke.
Gelet op het voorgaande is de review van [gedaagde] niet onrechtmatig en valt de onder 4.2 vermelde belangenafweging in haar voordeel uit.
Ten aanzien van de door [naam] geplaatste review wordt het volgende overwogen.
Daargelaten dat voor die review hetzelfde geldt als hiervoor is overwogen over de review van [gedaagde] en deze dus niet als onrechtmatig kan worden aangemerkt, kan [gedaagde] niet verantwoordelijk worden gehouden voor die review. Ook als deze in samenspraak met [gedaagde] tot stand zou zijn gekomen, had het op de weg van [eiser] gelegen om [naam] mee te dagvaarden.
Gelet op het voorgaande zijn de vorderingen niet toewijsbaar.
[eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. Deze worden aan de zijde van [gedaagde] begroot op:
- griffierecht € 341,00
- nakosten € 189,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal € 530,00
5De beslissing
De voorzieningenrechter
weigert de gevraagde voorzieningen,
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 530,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan deze veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
|
Dit vonnis is gewezen door mr. W.M. de Vries, voorzieningenrechter, bijgestaan door
Coll: MV |
||
© Copyright 2009 - 2026 XS2Knowledge b.v. - KVK: 24486465 - Telefoon: 085 744 0 733
