Rechtbank Noord-Holland 03-07-2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:7435

Essentie (gemaakt door AI)

Erfrecht. Europese Erfrechtverordening. In een incident waarin [verweerder] onbevoegdheid van de kantonrechter inroept wegens de gewone verblijfplaats van erflater in Frankrijk, overweegt de kantonrechter dat de hoofdregel van art. 4 Erfrechtverordening tot Franse bevoegdheid leidt. Geen forumkeuze ex art. 5. De zaak wordt aangehouden om partijen in staat te stellen een beslissing van de Franse rechter over verwijzing naar Nederland te vragen op grond van art. 6 Erfrechtverordening.

Nieuwsitem uit Focus op Familierecht

Erflater woonde in Frankrijk maar paste Nederlands recht toe op testament: is NL-rechter bevoegd?
Erflater had gewone verblijfplaats in Frankrijk; paste NL-recht toe op testament. Executeur zoekt NL-rechter aan. Ktr: hoewel erflater Erfrechtverordening niet kon voorzien, leidt dat - voorlopig - wel tot bevoegdheid Franse rechter.

Datum publicatie08-07-2026
ZaaknummerK/4101/12142575
ProcedureEerste aanleg - enkelvoudig
ZittingsplaatsAlkmaar
RechtsgebiedenCiviel recht; Verbintenissenrecht
TrefwoordenIPR familierecht; IPR erfrecht;
Familieprocesrecht; Bevoegdheid
Wetsverwijzingen

Inhoudsindicatie Rechtspraak.nl

Erfrecht. Europese Erfrechtverordening. Bevoegdheidsincident. De kantonrechter houdt de zaak aan teneinde partijen in de gelegenheid te stellen een beslising te vragen aan de Franse rechter over de bevoegdheid (artikel 6 Erfrechtverordening).

Volledige uitspraak


RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Alkmaar

Zaaknummer / rekestnummer: 12142575 \ EJ VERZ 26-97 WD

Beschikking van 3 juli 2026

in de zaak van

[verzoeker] ,

te [plaats 1] ,

verzoekende partij,

hierna te noemen: [verzoeker] ,

gemachtigde: mr. P.F. Keuchenius,

tegen

[verweerder] ,

te [plaats 2] ( [land] ),

verwerende partij,

hierna te noemen: [verweerder] ,

gemachtigde: mr. E.Z. Anink.

1De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift, met 16 producties;

- het verweerschrift, met een verzoek in het incident, met 12 producties;
- de brief van mr. Keuchenius met de juiste versie van productie 12;
- het verweerschrift in het incident.

1.2.

De beschikking is bepaald op vandaag.

2De uitgangspunten

2.1.

Op [datum] 2023 is [erflater] overleden (hierna: de erflater).

2.2.

De erflater was bij leven in tweede echt gehuwd met [verweerder] . Zij waren getrouwd onder huwelijkse voorwaarden. In artikel 1 van de notariële huwelijksvoorwaarden is bepaald dat de vermogensrechtelijke gevolgen van het huwelijk zullen worden bepaald door Nederlands recht, met uitzondering van het aan partijen toebehorende in Frankrijk gelegen registergoed, waarop het Franse huwelijksvermogensrecht van toepassing is verklaard.

2.3.

[verzoeker] is de zoon van [verzoeker] uit een eerder huwelijk. Voor het overige had de erflater geen afstammelingen.

2.4.

De erflater heeft ten overstaan van een Nederlandse notaris bij testament van 16 februari 2010 over zijn nalatenschap beschikt. In dit testament heeft hij, voor zover thans van belang:
- bepaald dat de vererving en de wijze van afwikkeling van zijn nalatenschap zullen worden beheerst door Nederlands recht;
- [verzoeker] benoemd tot enig erfgenaam;
- [verweerder] benoemd tot executeur;
- aan [verzoeker] gelegateerd een in [plaats 3] gelegen woning;
- aan [verweerder] gelegateerd het aandeel van de erflater in de beperkte gemeenschap van inboedel, een bedrag van € 100.000,00 en het vruchtgebruik van zijn nalatenschap;

2.5.

[verzoeker] heeft de nalatenschap van de erflater beneficiair aanvaard.

2.6.

[verweerder] heeft haar benoeming tot executeur aanvaard en een ruimschoots verklaring afgegeven.

2.7.

Tot de nalatenschap van de erflater behoren – onder meer -:
- de in [plaats 3] gelegen woning;
- een onverdeeld aandeel in een in Frankrijk gelegen woning;
- een 100% belang in Calenus B.V.
- een positief saldo bij de ING-bank
- belastingschulden;
- een schuld van de erflater aan Calenus B.V 1.

3Het verzoek en het verweer in de hoofdzaak

3.1.

[verzoeker] verzoekt dat de kantonrechter [verweerder] ontslaat uit haar hoedanigheid van executeur en afwikkelingsbewindvoerder

3.2.

[verweerder] voert verweer.

4Het verzoek en het verweer in het incident

4.1.

[verweerder] verzoekt dat de kantonrechter zich niet bevoegd verklaart om van de zaak kennis te nemen.

4.2.

[verweerder] voert daartoe, kort gezegd, als volgt aan. De laatste verblijfplaats van de erflater was gelegen in Frankijk. Dit brengt mee dat de Franse rechter bevoegd is om van de zaak kennis te nemen. Voor zover de Nederlandse rechter bevoegd is, is dat de rechter van de rechtbank Den Haag.

4.3.

[verzoeker] voert het volgende verweer. De afwikkeling van de nalatenschap is in vele opzichten verbonden aan de Nederlandse rechtssfeer, onder meer doordat [verweerder] een Nederlandse notaris als boedelnotaris heeft benoemd, die zich in het Nederlandse boedelregister heeft laten inschrijven. Daarbij komt dat de erflater ten tijde van het opstellen en verlijden van het testament geen rekening heeft kunnen houden met de daarna ingevoerde Europese Erfrechtverordening 2, waar [verweerder] zich nu op beroept. Het beroep van [verweerder] op de bevoegdheid van de Franse rechter is onder deze omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar. [verzoeker] verwacht dat partijen een forumkeuze overeenkomst kunnen sluiten en verzoekt hierom dat de kantonrechter een mondelinge behandeling gelast. Subsidiair verwacht [verzoeker] dat de Franse rechter zich op verzoek van [verzoeker] onbevoegd zal verklaren, omdat de Nederlandse rechter beter in staat is om uitspraak te doen over onderhavige kwestie. Daarom verzoekt [verzoeker] subsidiair dat de kantonrechter onderhavige procedure enige tijd aanhoudt.

5De beoordeling in het incident

5.1.

Dit incident gaat over de vraag of de kantonrechter als Nederlandse rechter bevoegd is om van het verzoek in de hoofdzaak kennis te nemen. Deze vraag moet worden beantwoord aan de hand van de Europese Erfrechtverordening.
Deze verordening is materieel van toepassing omdat de hoofdzaak betrekking heeft op de erfopvolging in nalatenschappen van overleden personen als bedoeld in artikel 1 lid 1 van de erfrechtverordening en het geschil niet ziet op de in lid 2 van voornoemd artikel voorkomende uitzonderingen.
De erfrechtverordening is formeel van toepassing, omdat de erflater is overleden na 17 augustus 2015 (zie artikel 83 lid 1 van de Europese Erfrechtverordening).

5.2.

De Europese Erfrechtverordening bepaalt in artikel 4 als hoofdregel dat de gerechten van de lidstaat waar de erflater op het tijdstip van overlijden zijn gewone verblijfplaats had, bevoegd zijn om uitspraak te doen over de erfopvolging in haar geheel.
Toepassing van de hoofdregel zou meebrengen dat niet een in Nederland zetelende kantonrechter, maar een Franse rechter bevoegd is om van de hoofdzaak kennis te nemen. Immers, tussen partijen staat vast dat de erflater ten tijde van zijn overlijden zijn gewone verblijfplaats had in Frankrijk.

5.3.

[verzoeker] betoogt dat in dit geval een uitzondering op voornoemde hoofdregel moet worden gemaakt. Derhalve moet de kantonrechter beoordelen of er onder de gegeven omstandigheden een uitzondering op de hoofdregel moet worden gemaakt. Anders dan [verzoeker] meent, komt bij deze beoordeling geen betekenis toe aan de eisen van redelijkheid en billijkheid. De kantonrechter gaat voorbij aan het op deze grond gevoerde verweer van [verzoeker] . Evenmin komt relevante betekenis toe aan het gegeven dat de erflater bij het verlijden van het testament de invoering van de Europese Erfrechtverordening niet heeft voorzien.

5.4.

Dat partijen een forumkeuze-overeenkomst hebben gesloten als bedoeld in artikel 5 van de Europese Erfrechtverordening, is niet gebleken. De kantonrechter ziet geen aanleiding om hiertoe, zoals [verzoeker] voorstelt, een mondelinge behandeling te houden. Partijen, voorzien van professionele gemachtigden, zijn in staat een dergelijke overeenkomst te sluiten. Een mondelinge behandeling heeft in dat kader geen toegevoegde waarde.

5.5.

De kantonrechter ziet wel aanleiding om, zoals subsidiair voorgesteld door [verzoeker] , de behandeling van deze zaak enige tijd aan te houden om verwijzing door een Franse rechter op grond van artikel 6 van de Europese Erfrechtverordening mogelijk te maken. Gelet op de rechtskeuze in het testament heeft de Franse rechter op grond van voornoemd artikel de mogelijkheid om zich onbevoegd te verklaren, indien deze van oordeel is dat de Nederlandse rechter beter in staat zal zijn om uitspraak te doen over de erfopvolging. Onder de gegeven omstandigheden 3 acht de kantonrechter het niet onmogelijk dat de Franse rechter tot dit oordeel zou kunnen komen.

5.6.

De kantonrechter zal deze zaak aanhouden tot maandag 5 oktober 2025. Beide partijen dienen zich uiterlijk op deze datum uit te laten over het opstarten en de voortgang van de in Frankrijk te voeren gerechtelijke procedure en de termijn waarbinnen zij verwachten dat de Franse rechter uitspraak doet over zijn bevoegdheid.
Mocht de kantonrechter op basis van de berichtgeving van partijen tot het oordeel komen dat door één van beide partijen (of door allebei) in Frankrijk niet met voldoende voortvarendheid wordt geprocedeerd, zal de kantonrechter hieraan de gevolgen verbinden die hij gerade acht.

5.7.

De behandeling van de hoofdzaak zal ook worden aangehouden.


6De beslissing

De kantonrechter


in het incident

6.1.

houdt de zaak aan tot maandag 5 oktober 2026 voor een akte van beide partijen over hetgeen hiervoor onder r.o. 5.6. is overwogen;

in de hoofdzaak en in het incident

6.2.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.S. Reid en in het openbaar uitgesproken op 3 juli 2026.

1

De kantonrechter ontleent deze opsomming aan de boedelbeschrijving die door [verweerder] is opgesteld en door [verzoeker] als productie 14 bij verzoekschrift in het geding is gebracht.

2

VERORDENING (EU) Nr. 650/2012 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD van 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring

3

Zie 2.1. tot en met 2.7.



© Copyright 2009 - 2026 XS2Knowledge b.v. - KVK: 24486465 - Telefoon: 085 744 0 733