Essentie (gemaakt door AI)
Bewindvoerder van onderbewindgestelde vraagt machtiging om afstand te doen van een schilderij dat ‘roofkunst’ blijkt (Goudstikker-collectie). Journalist heeft het werk zonder geldige toestemming van onderbewindgestelde meegenomen; diens toestemming is niet rechtsgeldig wegens bewind en geestelijke toestand. Hoewel terugvorderen mogelijk is, past dat niet bij de taakopvatting van een professionele bewindvoerder. Verzoek van de bewindvoerder wordt toegewezen; hij mag afstand doen van het schilderij.Nieuwsitem
| Datum publicatie | 28-05-2026 |
| Zaaknummer | NL:TZ:0000484964:B001 |
| Procedure | Beschikking |
| Zittingsplaats | Utrecht |
| Rechtsgebieden | Civiel recht; Personen- en familierecht |
| Trefwoorden | Meerderjarigenbescherming; Bewind |
| Wetsverwijzingen |
Inhoudsindicatie Rechtspraak.nl
Beschermingsbewindvoerder krijgt toestemming om afstand te doen van een schilderij. Belang van rechthebbende is om het schilderij terug te vorderen, maar onder de gegeven omstandigheden, past dit niet bij de invulling van de taak van een professioneel bewindvoerder.Volledige uitspraak
Zittingsplaats Utrecht
|
zaaknummer |
: |
NL:TZ:0000484964:B001 |
|
dossiernummer |
: |
[BM nummer] |
|
datum |
: |
27 mei 2026 |
Beschikking
in de zaak van:
mevrouw
[onderbewindgestelde],
geboren te [geboorteplaats] op [1939] ,
wonende te [woonplaats] ,
hierna te noemen: [onderbewindgestelde] .
bewindvoerder:
de besloten vennootschap
[bewindvoerder] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
hierna te noemen: de bewindvoerder.
1De zaak in het kort
[onderbewindgestelde] heeft een schilderij meegegeven aan een journalist. Het schilderij bleek zogenaamde ‘roofkunst’. Deze journalist heeft verklaard het schilderij aan de oorspronkelijke eigenaar te zullen teruggeven. De bewindvoerder heeft gevraagd of hij afstand mag doen van het schilderij.
2De procedure
Op 29 september 2025 heeft deze rechtbank een beschermingsbewind uitgesproken van [onderbewindgestelde] .
Op 13 mei 2026 heeft de bewindvoerder – verkort weergegeven – aan de kantonrechter gevraagd afstand te mogen doen van een schilderij.
3De beoordeling
[onderbewindgestelde] werd onder bewind gesteld
Op 29 september 2025 heeft de rechtbank [onderbewindgestelde] met spoed onder bewind gesteld op grond van haar geestelijke toestand. Dit bewind werd gepubliceerd in het Centraal curatele- en bewindregister (het CCBR), bedoeld in artikel 1:391 van het Burgerlijk Wetboek. Achteraf, op 13 oktober 2025, werd [onderbewindgestelde] op zitting gehoord.
Naar aanleiding van deze zitting, heeft de rechter op 24 oktober 2025 besloten het beschermingsbewind in stand te laten. De rechter die deze beslissing heeft genomen, vond het bewind nodig omdat de geestelijke toestand van [onderbewindgestelde] snel achteruit ging. [onderbewindgestelde] bleek niet goed op de hoogte van haar financiële situatie en kon deze niet goed overzien. De rechter heeft in het kader van deze beslissing vastgesteld dat grote geldbedragen op onverklaarbare wijze van de rekening van [onderbewindgestelde] werden afgeschreven. Daarnaast stelt de rechter vast dat zij door haar kleinzoon [A] naar een notaris is meegenomen, maar dat [onderbewindgestelde] zich hiervan niets meer kan herinneren. Een arts die [onderbewindgestelde] heeft gezien, heeft in 2025 verklaard dat er aanwijzingen zijn voor “een lichte vorm (beginnende) van een psychogeriatrische aandoening”. Vanwege deze omstandigheden, heeft de rechter het bewind in stand gelaten. Er is een professionele bewindvoerder benoemd.
Het schilderij werd weggenomen zonder toestemming van de bewindvoerder
De bewindvoerder heeft bij aanvang van zijn benoeming een bezoek gebracht aan het appartement van [onderbewindgestelde] . Hij heeft daar een schilderij zien hangen, maar heeft geen reden gehad om vragen te stellen over de herkomst van dat schilderij. Dit schilderij is op 11 mei 2026 meegenomen door een journalist en werd diezelfde avond tijdens een talkshow op televisie getoond. Het schilderij bleek zogenaamde ‘roofkunst’, afkomstig uit de Goudstikker-collectie. De journalist is getipt door een familielid, heeft contact gezocht met [onderbewindgestelde] en het schilderij van haar meegekregen.
Ten aanzien van [onderbewindgestelde] werd een beschermingsbewind uitgesproken. Dit betekent dat de bewindvoerder, omdat [onderbewindgestelde] daartoe zelf niet in staat is, het beheer en de beschikking over het schilderij heeft. De bewindvoerder kan niet zelfstandig afstand van het schilderij doen. Hij heeft toestemming van de rechter nodig, omdat [onderbewindgestelde] zelf die toestemming niet meer kan geven vanwege haar geestelijke toestand.
De bewindvoerder heeft hierover contact gehad met de familie. Hij en de familie vinden dat het schilderij terug zou moeten naar de oorspronkelijke eigenaar, te weten de erven van Goudstikker. De bewindvoerder heeft in het bericht van 13 mei 2026, welk bericht hij telefonisch aan de kantonrechter heeft toegelicht, toestemming gevraagd om afstand van het schilderij te mogen doen.
De bewindvoerder krijgt toestemming om afstand van het schilderij te doen
[onderbewindgestelde] zelf is niet in staat beslissingen te nemen over haar vermogen, vanwege haar geestelijke toestand. In het daarvoor bedoelde register (CCBR) werd gepubliceerd dat de vermogensrechtelijke belangen van [onderbewindgestelde] door de bewindvoerder worden behartigd. [onderbewindgestelde] is op hoge leeftijd en zij is duidelijk warrig. Zij heeft het schilderij meegegeven aan de journalist, maar heeft daarna aan de bewindvoerder verklaard het schilderij terug te willen. Hieruit blijkt dat zij niet kon beslissen over de vraag wat te doen met het schilderij. De eventueel door [onderbewindgestelde] zelf aan de journalist gegeven toestemming om het schilderij mee te nemen, is daarom niet rechtsgeldig. De journalist had dit moeten weten. Hij had niet het recht bij [onderbewindgestelde] naar binnen te lopen om het schilderij van de muur te halen. Daarover had hij in overleg moeten gaan met de bewindvoerder.
De beschermingsbewindvoerder heeft dus het recht om het schilderij terug te eisen. Maar, dat hoeft hij niet te doen. Als op enig moment bij de beschermingsbewindvoerder of de rechtbank bekend was geworden dat [onderbewindgestelde] in het bezit was van roofkunst, dan had de bewindvoerder dit aan de rechter moeten voorleggen. De rechter had dan besloten tot het teruggeven van het schilderij aan de oorspronkelijke eigenaar. Het behouden van het schilderij is strikt genomen weliswaar in het belang van [onderbewindgestelde] , maar het past niet bij de taakopvatting van een professionele bewindvoerder om roofkunst onder zich te houden. Hetzelfde resultaat is nu ook bereikt. Het enkele feit dat het wegnemen van het schilderij niet volgens de regels is gegaan, is onvoldoende reden om het terug te eisen.
De slotsom is dat aan de bewindvoerder, conform zijn verzoek, toestemming wordt verleend om van het schilderij afstand te doen.
4De beslissing
De kantonrechter:
machtigt de bewindvoerder afstand van het schilderij te doen.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Neijt, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2026.
Tegen deze beschikking kan - uitsluitend door tussenkomst van een advocaat - hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem-Leeuwarden:
door de verzoeker en degenen aan wie een afschrift van deze beschikking (digitaal) is verstrekt of verzonden binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.
© Copyright 2009 - 2026 XS2Knowledge b.v. - KVK: 24486465 - Telefoon: 085 744 0 733
